Wat kan de gemeente doen tegen klimaatverandering?
INHOUDSOPGAVE
- Inleiding
- Klimaatverandering
- Wat kunnen de gevolgen zijn in jouw gemeente?
- Wat kan de gemeente doen om klimaatverandering te voorkomen?
- Hoe kan de gemeente omgaan met de gevolgen van klimaatverandering?
Inleiding top
Klimaatverandering lijkt misschien een wereldwijd probleem dat alleen door regeringsleiders is op te lossen. Ver van je bed dus… of toch niet? Juist in de gemeente kan er veel gedaan worden om klimaatverandering aan te pakken. Think globally, act locally! Hieronder kun je lezen wat de gemeente kan doen om klimaatverandering tegen te gaan én wat zij kan doen om zich voor te bereiden op de gevolgen die nu al aan de gang zijn.
Klimaatverandering top
Het klimaat verandert doordat er steeds meer broeikasgassen in de atmosfeer komen. CO2 (koolstofdioxide) is het belangrijkste broeikasgas. Dit gas komt vrij bij de verbranding van fossiele brandstoffen zoals aardgas, aardolie en steenkool. CO2 heeft de eigenschap om warmte vast te houden. Als er steeds meer CO2 in de lucht komt, wordt het steeds warmer op aarde. Fossiele brandstoffen worden gebruikt om energie op te wekken, waarmee we goederen produceren, huizen verwarmen, auto's laten rijden en nog veel meer.
Zo lang de aarde bestaat, verandert het klimaat van zeer koud (er zijn bijvoorbeeld ijstijden geweest) tot zeer warm. In de middeleeuwen waren de zomers warmer dan nu en in de achttiende eeuw waren er een aantal zeer koude winters. De afgelopen eeuw is de gemiddelde wereldtemperatuur met ongeveer 0,7 graden Celsius gestegen. Voor deze veranderingen zijn er verschillende natuurlijke oorzaken te vinden. Sinds de industriële revolutie is er ook een niet-natuurlijke reden voor klimaatverandering, namelijk de extreme toename van broeikasgassen in de atmosfeer. Of de mens het klimaat beïnvloedt is het onderwerp geweest van vele discussies. Ondertussen zijn de meeste wetenschappers het hierover eens. Het Intergouvernementeel Overleg over Klimaatverandering (IPCC), bestaande uit 2500 wetenschappers, zegt sinds 1990 dat de mens het klimaat verandert (www.ipcc.ch)
Wat kunnen de gevolgen zijn in jouw gemeente? top
Je hebt vast wel eens op het nieuws gehoord dat, als het warmer wordt, de zeespiegel stijgt en Nederland en grote delen van de wereld kunnen overstromen. Ook in jouw gemeente zullen de gevolgen van klimaatverandering merkbaar worden. Misschien ligt jouw woonplaats vlakbij een rivier die zou kunnen overstromen of woon je vlakbij de zee. Ook zul je merken dat het weer extremer wordt. Regenbuien worden heviger en in de zomer zal het langer droog zijn. De stijging van de temperatuur zal in de winter sterker zijn dan in de zomer. Schaatsen op natuurijs wordt echt een zeldzaamheid! Kun jij bedenken wat de gevolgen in jouw gemeente kunnen zijn?
Wat kan de gemeente doen tegen klimaatverandering? top
In Nederland heb je drie overheidslagen: het rijk, de provincie en de gemeente. De overheidslaag die het dichtste bij de bevolking staat is de gemeente. Als bij een stevige onweersbui de straat blank komt te staan, dan is het de gemeente die moet ingrijpen. Ook op het gebied van energiebesparing en de productie van schone energie heeft de gemeente veel invloed. Veel gemeenten willen klimaatverandering stevig aanpakken omdat juist op lokaal niveau échte maatregelen genomen kunnen worden! De gemeente werkt hierin meestal samen met andere instanties. Rond waterbeheer bijvoorbeeld met het Waterschap en het Hoogheemraadschap. Dat zijn organisaties die verantwoordelijk zijn voor afvoer van water en het waterpeil. Op energiegebied werken gemeenten veel samen met onder andere energiebedrijven, consultants, architecten en woningcorporaties. Kortom, er bestaat een heel netwerk van organisaties en mogelijkheden.
Er zijn veel maatregelen die de gemeente kan nemen om klimaatverandering tegen te gaan. Hieronder vind je de belangrijkste:
Meten is weten!
Als eerste goede stap kan de gemeente haar huidige CO2-uitstoot meten. Aan de hand daarvan kan zij met zichzelf een afspraak maken om binnen een vastgestelde tijd een bepaalde hoeveel energie te besparen. Zo wordt de vooruitgang meetbaar! Voor burgers en bedrijven wordt het zo een stuk aantrekkelijker om energie te besparen.
Gemeente als goede voorbeeld:
Gemeenten hebben een voorbeeldfunctie voor de inwoners van de gemeente. Je kunt de gemeentelijke gebouwen en voorzieningen zien als de etalage. De gemeente kan bijvoorbeeld besluiten om in alle gemeentelijke gebouwen groene stroom te gebruiken of zonnepanelen op het dak van het gemeentehuis te plaatsen. Hetty Hafkamp, wethouder Milieu van de gemeente Leeuwarden, zegt het zo: “Waarom moeten onze inwoners energiezuinig zijn, terwijl we als gemeente vergeten onze eigen gebouwen op hun energiegebruik door te lichten?” Een bijkomend voordeel is dat energiebesparing veel geld bespaart! Dat geld kan weer ingezet worden om klimaatverandering tegen gaan.
Verkeer en vervoer:
Het totale vervoer in Nederland is verantwoordelijk voor 22% van de CO2-uitstoot. De gemeente kan allerlei maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat dit minder wordt. Zij kan bijvoorbeeld het openbaar vervoer stimuleren door het goedkoper of zelfs gratis te maken. Ook kan zij bussen inzetten die weinig tot geen CO2 uitstoten. Deze bussen rijden nu al rond in Nederland! Verder kan de gemeente fietsen en wandelen stimuleren door veilige en aantrekkelijke fiets- en wandelpaden aan te leggen en door een gratis fietsenstalling aan te bieden. Het gebruik van de auto kan de gemeente ontmoedigen door bijvoorbeeld weinig parkeerplaatsen en autowegen aan te leggen, parkeren duur te maken, veel drempels aan te leggen of het centrum autovrij te maken.
Voorlichting:
De gemeente kan haar inwoners voorlichten over klimaatverandering. Zij kan bijvoorbeeld via folders, krantenberichten, lokale radiospotjes of cursussen advies geven over wat bewoners zelf kunnen doen om energie te besparen. In de module Energiebesparing thuis kun je lezen wat je thuis kunt doen om energie te besparen.

Woningbouw:
De gemeente kan ervoor zorgen dat nieuwe gebouwen op een energiezuinige manier worden gebouwd. Ook kan zij oude gebouwen die gerenoveerd worden, energiezuinig maken. Bijvoorbeeld door enkelglas te vervangen door dubbelglas of door zonnepanelen op het dak te monteren. Sommige gemeenten bouwen een hele duurzame wijk. Met zo’n wijk kan de gemeente veel energie besparen. Ook laat zij aan andere gemeenten zien hoe het óók kan. Dat geeft de gemeente een goed imago. Dubbele winst dus!
Duurzame energie:
De landelijke overheid heeft zichzelf als doel gesteld om in 2010 9% van alle elektriciteit duurzaam op te wekken. Zonder de hulp van de gemeenten haalt de overheid dit nooit. Gemeenten kunnen afspraken maken met energiebedrijven, woningcorporaties en de provincie om het opwekken van duurzame energie structureel aan te pakken. Bij plannen voor nieuwbouwwijken kan de gemeente het bijvoorbeeld verplicht stellen dat er zoveel mogelijk duurzame energie gebruikt wordt. De gemeente kan hetzelfde doen bij de renovatie van woningen. Denk bij duurzame energie bijvoorbeeld aan zonnepanelen en windmolens. Je kunt hierover meer lezen in de module Duurzame energie.
Klimaatverbond:
Elke gemeente kan lid worden van het Klimaatverbond. Dit verbond is een vereniging voor en door gemeenten en provincies. Het voornaamste doel is om gezamenlijk het klimaat- en milieubeleid op een hoger niveau te brengen. Dat doen ze door elkaar te informeren en samen problemen aan te pakken. Zo leren ze van elkaar. Door lid te zijn van het Klimaatverbond onderstrepen gemeenten dat ze werk maken van hun klimaatbeleid. Voor meer informatie kun je kijken op www.klimaatverbond.nl.
Hoe kan de gemeente omgaan met de gevolgen van klimaatverandering? top
Hierboven kan je lezen hoe de gemeente klimaatverandering tegen kan gaan. Tegelijkertijd moet de gemeente zich voorbereiden op de veranderingen in het klimaat die nu al aan de gang zijn. Want de gevolgen zijn nu al merkbaar, ook in jouw gemeente! Denk bijvoorbeeld aan overstromingen door extreme regenbuien of aan de toename van schadelijke algen in meertjes en sloten waardoor je niet meer kunt zwemmen in buitenwater. De gemeente moet daartegen maatregelen nemen. Hieronder vind je een aantal voorbeelden van wat de gemeente kan doen:
Regenwater niet via de riolering afvoeren:
Regenwater stroomt nu via putten in de straat naar het riool. Zo vermengt het relatief schone regenwater zich met het vuile water in het riool. Dat is eigenlijk zonde! Bovendien kan een riool overlopen als het een keer hard regent. Dan schieten putdeksels omhoog en komen straten onder water te staan. En tja, dan stroomt de inhoud van het riool over de straten naar de sloot. Niet zo fris dus. Bovendien gaan de vissen in de sloot dood en krijgen blauwwieren de kans om te groeien. Het zou een stuk beter zijn als het regenwater direct in de sloot terechtkomt. Dat kan door geen putten in straten te bouwen maar het regenwater via geulen naar de sloten te leiden.

Waterbesparing en voorlichting:
Het maken van goed drinkwater kost veel ruimte, energie en geld. Het grootste deel van dat drinkwater gebruiken we voor persoonlijke hygiëne (douchen, tandenpoetsen), het doorspoelen van de WC en voor de was. Het is goed mogelijk om veel minder drinkwater te gebruiken. Bijvoorbeeld door een waterbesparende douchekop aan te schaffen, een spaarknop op het toilet te monteren of door de kraan uit te doen tijdens het tandenpoetsen. Net als bij energiebesparing kan de gemeente waterbesparing stimuleren, vaak in samenwerking met het waterleidingbedrijf. Ze kunnen bijvoorbeeld bewoners tips geven hoe je zuiniger om kunt gaan met water.
De bodem zoveel mogelijk ‘open’ houden:
Er wordt in Nederland steeds meer gebouwd. Door alle bestrating kan na een hevige regenbui het water minder goed wegzakken in de grond. In de toekomst zullen buien steeds extremer worden. Als het water dan niet snel kan worden afgevoerd, zullen straten onder water lopen. Bij het aanleggen van stoepen, parkeerterreinen en openbaar groen is het belangrijk om hier rekening mee te houden. De gemeente kan kleine poeltjes, sloten of veldjes aanleggen om het teveel aan water op te vangen. Daarnaast kan zij bijvoorbeeld bewoners stimuleren om een regenton te plaatsen. Zo wordt de afvoer van regenwater naar het riool verminderd en bewoners kunnen met dit regenwater de tuin besproeien. Dubbele winst dus!
Ruimte voor water:
Doordat de kans op overstromingen toeneemt, moet er ruimte gemaakt worden voor rivieren om te kunnen overstromen, zónder dat er schade wordt aangericht. Als dat niet gebeurt, kunnen veel huizen onder water komen te staan. In Nederland wordt nog steeds gebouwd op laaggelegen plekken naast rivieren. Niet zo slim dus! Als we het water geen ruimte geven, zal zij deze ruimte straks zelf nemen.
Meer betalen voor water:
Mensen betalen nu voor de hoeveelheid water dat ze gebruiken. Daarnaast betalen ze een vast bedrag voor het gebruik van het riool. Iemand die meer water gebruikt, belast het riool meer dan iemand die minder water gebruikt. De gemeente kan mensen stimuleren om minder water te gebruiken door hen die het riool meer belasten meer te laten betalen.
Opvang van teveel water:
In de herfst, winter en voorjaar kan het enorm regenen. In de zomer krijgen we vaker te maken met langdurige droogte. Juist dan is water van levensbelang voor de landbouw en de natuur. Door het water in de herfst, winter en voorjaar op te vangen in laaggelegen gebieden (bijvoorbeeld door weilanden onder water te zetten) kan dat water ‘geborgen’ (opgeslagen) worden voor de droge periodes. De gemeente kan hiervoor zorgen.

Integraal waterplan:
Water, in de vorm van rioolwater, drinkwater of regenwater, maakt deel uit van praktisch al het gemeentelijk beleid. Sommige gemeenten maken integrale waterplannen waarin alle plannen die betrekking hebben op water, zijn gebundeld. Dat is wel zo handig omdat dit totaalplan dan de basis vormt voor het waterbeleid in de toekomst.
Print deze pagina

